Auteursarchief: admin

Stompff, Johannes Andreas

Johannes Andreas Stompff, Haarlem 4 mei 1794 – 13 oktober 1873 Haarlem

Johannes is opgeleid tot leerlooier in het bedrijf van zijn vader en grootvader; het bedrijf ging in 1821 ten onder door goedgelovigheid in financieel beheer, maar hij staat later nog vermeld als lederbereider. Als hij met Maria Schraders trouwt is zijn beroep zaakwaarnemer. Hij maakt zeer kunstig knipwerk, van grote afmetingen. De religieuze en mythologische randversieringen zijn met witte en grijze verf verfraaid en vertonen reliëf. Er staan gedichten in met uitbundig versierde letters. In een van zijn werkstukken staat de wijze les:
Gelijk een Boom niet valt in d’allereersten slag
Zoo buigt een maagdenHart ook niet in ’t eerste vragen
’t Geen ’t heden U ontzegt, Bewilligd het d’andren dag
Wie winnaar wezen wil moet meer dat Eenmaal wagen

Johannes Andreas is de zoon van Barend Stompff en Sara Catharina van der Kuijl. Zijn moeder overlijdt twee maanden na de geboorte van zijn zusje Anna Catharina, wat zelf niet ouder dan 16 maanden wordt. Vader Barend hertrouwt te Haarlem met Belia Vervooren op 16 juli 1800. Uit dit tweede huwelijk komen nog drie kinderen voort. Johannes trouwt op 25 mei 1814 in Haarlem met Maria Schraader. Ze krijgen zeven kinderen.

Collectie
  • Noord-Hollands Archief, Haarlem
  • Westfries Museum, Hoorn
  • Metropolitan Museum of Art, New York
  • Particuliere collectie
Literatuur

Anonymous, Netherlandish, 19th century
“Jezus is myn Heer en Koning”, 19th century
Netherlandish,
Cut paper on black and red paper, and pencil drawings; Framed: 9 × 12 3/4 in. (22.9 × 32.4 cm)
The Metropolitan Museum of Art, New York, Gift of Mrs. Richard Riddell, 1984 (1984.1164.5)
http://www.metmuseum.org/Collections/search-the-collections/701207

Steinhage, Antonia Sofia Gertrud

Tola Steinhage, Luegden (Dld.) 1919 – 2015 Thonon (Fr.)

Geboren in een kunstzinnig gezin, begon zij als student aan de kunstacademie. Met haar ouders ontvluchtte ze nazi-Duits­land en vestigden zij zich in Oldenzaal. Hier leerde Tola schilderen, boetseren en wandkleden maken naar eigen ontwerp, waarvoor ze vooral knipte. Nadat de oorlog met haar angsten voorbij was, ging Tola in Utrecht wonen en kreeg zij opdrachten voor het illustreren van kinderboeken met haar knipsels, die ze maakte van zwart papier. Ze noemde haar knipsels “schaarsneden” of “psaligraphie”. Ze beeldde sprookjes uit, maar ook religieuze (RK) en Bijbelse onderwerpen hadden haar liefde. Ze knipte onder andere een Rozekrans­krui­stocht voor de jeugd, die op kleine kaartjes is gedrukt in een oplage van 600.000 stuks. Ze liet werk zien op de tentoonstelling Geknipt voor u te Roden in 1983.

Ze was in haar jeugd een dromerig kind, dat leefde uit een wereld in zich zelf, maar dat vaak wakker geschud werd door de harde werkelijkheid. Zonder leed en tegenslag heeft ze haar erkenning als kunstenares niet bereikt; ze gaf niet op en zette haar dromen om in schaduwen. Het heeft haar altijd getroffen dat waar geen licht is ook geen schaduwen bestaan. Daarom heeft ze haar zielenroerselen in haar knipsels uit kunnen leven.

Literatuur

      

Steffens, Jan

Jan Steffens, Landsmeer 1815 – 13 december 1859 Nieuwendam

Jan is huisschilder, leraar tekenen en schilderen en in zijn omgeving een bekend knipper. Hij maakt onder andere fijn uitgewerkte “loofwarandes” uit wit papier met diep-wijkend perspectief op een blauw fond. Werk van hem is te zien op een tentoonstelling te Den Haag in 1839. Eén werkstuk schenkt hij aan Koning Willem III, die hem een zilveren schaartje en een tabaksdoos terug laat bezorgen.
“Ome” Gerrit bij ’t Vuur uit Edam vertelde ons dat de overgrootvader van zijn vrouw een knipsel, gedateerd 1836, accepteerde van Steffens, in plaats van rente voor geleend bedrag (geld lenen zonder rente was in doopsgezinde kring gebruikelijk; Steffens was Luthers).

Mogelijk heeft zijn vader Jan Hendrik Steffens (1784-1847), kruitbaas te Landsmeer, ook geknipt.

Hij is zoon van Jan Hendrik Steffens en Antje Munnikhof. Hij trouwt in Landsmeer op 18 april 1841 met Cornelia Horsmeijer, naaister. Ze krijgen vijf kinderen.

Collectie
  • Koninklijke Verzamelingen, Den Haag
  • Particulier bezit
Literatuur
RKDartists&

Stapert-Koning, Elisabeth Johanna

Elisabeth Johanna (Betsy) Stapert-Koning, Haarlem 1 maart 1816 – 25 juni 1887 Rotterdam

Betsy heeft veel geknipt in haar jonge jaren, en dat is des te opvallender omdat ze gehandicapt was: haar rechterarm was maar gedeeltelijk ontwikkeld. Ze beplakte haar knipsels met kleine stukjes papier en noemde het “plakplaat­jes”. Ze kende ds. Nicolaas Beets (Hildebrand) en knipt figuren en tafereel­tjes uit diens Camera Obscura, op een gracieuze en levendige manier. Veel later zouden die nog eens gebruikt worden voor de aankleding van een toneelstuk: “De Familie Kegge”. Het plak­boek blijft een curiosum: ze heeft zich later met succes op de schilder- en tekenkunst toegelegd en werd benoemd tot lid van de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten.

Ze was dochter van een Haarlemse kostschoolhouder en huwde in 1859 een kapitein bij de grote vaart, Sybrand Stapert, weduwnaar met drie kinderen; het gezin met vier kinderen (de laatste van haarzelf) heeft in Amsterdam, Rotterdam en Groningen gewoond. Het paar maakte een reis naar Indië, waar ze veel tekende en schilderde.

Collectie
  • Noord-Hollands Archief, Haarlem
Literatuur

http://resources.huygens.knaw.nl/vrouwenlexicon/lemmata/data/Stapert

Stam, Geertje

Geertje Stam, Hoogkarspel 20 juli 1838 – 20 december 1868 Bovenkarspel

Ze knipt in 1860 onderstaande levensboom.

Geertje is de derde van de vier dochters van Dirk Stam en Aagtje Winder, er waren ook nog zes jongens in het gezin. Ze trouwt op 10 april 1862 in Bovenkarspel met Klaas Schuurman. Ze kregen samen vier kinderen, waarvan er drie vroeg overleden. Ze overlijdt op 30-jarige leeftijd. Haar weduwnaar hertrouwt op 20 april 1871 met haar zuster Aagtje. Zij krijgen nog vier kinderen, waarvan er twee de volwassen leeftijd halen.

 

Sprang, Arnoldus van

Arnoldus van Sprang, Amsterdam rond 1690 – 20 maart 1759 Amsterdam

Van Arnoldus zijn twee knipsels uit 1710 met Bijbelse voorstellingen bewaard gebleven, elk met een afbeelding in een rond medaillon en omgeven door een rand van bloemen en ranken. In de madaillons Elia en de raven en de Samaritaanse vrouw.

Mogelijk is het de meester metselaar (1731) en makelaar (1756) in Amsterdam, die in 1716 trouwt op 6 september 1716 te Amsterdam met Geertruijd van Balckeschote.
Deze Arnoldus van Sprang woont aan de Herengracht in Amsterdam als hij op 24 maart 1752 trouwt met Rebecca Kat, een zeer welgestelde weduwe.

  • Museum de Lakenhal, Leiden
Literatuur

Spanjaard, Catharina

Catharina Spanjaard, Breda 1766 – 5 mei 1851 Medemblik

Maakte een ragfijn werkje van gevlochten en opgerolde reepjes papier.

Ze is de dochter van Dirk Spanjaard en Diewertje Spaander. Bij haar huwelijk  in Medemblik op 17 augustus 1786 wordt ze Jonkvrouwe Catharina Spanjaard genoemd. Ze trouwde  met Charles Antonie Maclaine uit Den Haag, advocaat. Ze krijgen een dochter, Maria.

Collectie
  • Westfries Museum, Hoorn
Literatuur

Slijper, Jan (of Johannis) Sombeek

Jan Sombeek Slijper, Westzaandam 6 april 1784 – na 1839 Haarlem

Jan maakt een huwelijksoorkonde voor zijn broer Willem Slijper en schoonzus Aafje Slagter (bij hun huwelijk in 1814), in klokvorm, met wapenschilden en een kroon, in reliëf. Van hem zijn ook twee ruimtelijke knipsels met een boerderijtje aan het water, zomer en winter, gemaakt in 1819, gesigneerd J.S.S.
Hij maakt een monument op Laurens Jansz. Koster van papier, en drie geknipte landschapjes, die tentoongesteld worden in Haarlem in 1825 (Catalogus der voortbrengselen van Nederlandsche volks- en kunstvlijt). Hij maakte ook landschappen achter glas. Hij adverteert actief in de Opregte Haarlemsche Courant, dat hij ‘op verzoek van vele kunstminnaars’ zijn Kabinet der Knipkunst voor bezichtiging openstelt aan huis in Zaandam (1824-1826). In de Tentoonstelling der schilderwerken van nog in leven zijnde Nederlandsche meesters in Den Haag 1827 exposeert hij met “een stuk van papier met de schaar bewerkt”.
In 1830 is in Utrecht zijn ‘vermaarde kabinet van Boetseer- en Knipkunst, met meer dan 80 kunstvoorwerpen’ te zien, in het groot en in miniatuur.
Slijper is ook been- en ivoorsnijder.

Jan is zoon van Steven Slijper en Francina Sombeek. Hij is gedoopt met de voornamen Jan Sombeek (de achternaam van zijn moeder). Jan blijft ongetrouwd en voert samen met zijn zuster Catharina (1779-1845) een huishouden in Haarlem in 1839.

Collectie
  • Koninklijk Oudheidkundig Genootschap, Amsterdam
  • Particulier bezit
Literatuur

Collectie Koninklijk Oudheidkundig Genootschap

Collectie Koninklijk Oudheidkundig Genootschap

Smit, Gerlof

Gerlof Smit, Haarlem 1946 – 2014 Schingen

Gerlof is opgeleid als graficus. Hij knipt graag paarden, koeien en zijn werk is heel herkenbaar aan de grasranden. In de beginjaren werkt hij heel fijn, later wordt zijn knipwerk veel groter en vrijer. Hij maakt er installaties van die in musea tentoongesteld zijn.
Hij illustreert het boek “Paard in vertellingen”. Bekend zijn ook de blikjes met zijn knipwerk van het friese snoepje “Us memkes”. Ter illustratie van de Margriet, knipt hij grote knipsels.
Hij knipt ook silhouetten en knipte alle bewonders van het dorp Schingen.
Gerlof was getrouwd met Thea van den Boogaard.

Literatuur
RKDartists website van Gerlof Smit


Schurman, Anna Maria van

Anna Maria van Schurman, Keulen 1607 – 1678 Wieuwerd

Als zesjarig meisje kon ze al knippen, maar ze heeft daar verder zich niet in bekwaamd. Ze leerde borduren, musiceren, tekenen en graveren; daarnaast werd ze een veelzijdig geleerde, niet getrouwde vrouw. In een rechthoekig stuk perkament met haar kalligrafische tekst uit Psalm 90  (1640) zijn een paar decoraties gesneden. Aan de vrouw van professor Salmasius, die ze had bezocht in 1648, schreef ze een bedankbrief voor de gastvrijheid, met een knipseltje (“un petit essay de ma Muse, et de mon ciseau”). Ze heeft ook eens een anjer uitgeknipt. Meer is er niet van haar eigen knipwerk bekend, maar ze heeft wel knipsels gekregen.

In een album met allerlei kunstwerken bevindt zich behalve de anjer, een tweemaal dubbelgevouwen toverknoop, geknipt omstreeks1647, met een Duits gedicht door Filip von Zesen, die haar bewonderde; het knipwerk is waarschijnlijk ook van zijn hand.

In haar nalatenschap bevindt zich verder een fijn knipwerk van takken en blaadjes dat dubbelgevouwen gemaakt is; daarin komt twee­maal het monogram AM in een cirkel voor en in het midden een zes-puntige ster, een hexagram. Het is onwaarschijnlijk dat zij, die genoemd werd “de Ster van Utrecht” het zelf gemaakt heeft. Waarschijnlijk is het voor haar gemaakt door een andere bewonderaar, mogelijk de Parijse dame Marie Forget. Het is omschreven als een delicaat knipwerk in verluchte stijl (“enluminure”), gemaakt met de punten van een schaar. Zij stuurde het naar professor Saumaise in Leiden, die het doorstuurde aan zijn collega Rivet, Anna Maria’s vaderlijke vriend (1639) en zo kwam het in haar bezit.

Tenslotte is er een heraldisch werkje voor iemand uit de Van Schurman familie (zoon van een neef), dat niet door haar, noch voor haar is gemaakt (zie Otto van Voorst). Deze achterneef heeft de nalatenschap van zijn oudtante beheerd en zo is het tussen haar spullen geraakt.

Collectie
Literatuur
RKDartists&

collectie Museum Catharijneconvent