Atie Willemse-Kammenga, Knip-Pers 2023 jubileum

Atie Willemse is meteen enthousiast als we haar vragen of we haar mogen interviewen als lid van het eerste uur. Ze vindt het fantastisch dat de vereniging de 40 jaar heeft gehaald. Ze weet nog goed dat ze met Lies Markus over de start van de vereniging sprak: ‘Er was een bijeenkomst van verschillende knipkringen in Arnhem waar veel knipsters bij aanwezig zouden zijn. Het leek me goed als Lies daar zou beginnen over de oprichting van een landelijke vereniging, zodat meteen veel knipsters hun mening konden geven en meedenken. En zo is het toen gelopen. Op de bewuste dag heeft Lies Markus over haar voornemen verteld en de aanwezige knipsters leek dat een goed idee. Lies en een paar anderen hebben toen de oprichting van de vereniging op zich genomen.

Etiketten plakken
Vanaf het begin gaf de vereniging het kwartaalblad Knip-Pers uit. Atie schreef daar zelf nauwelijks in, maar was een tijd lang toch nauw betrokken bij het blad. Zodra de Knip-Pers gedrukt was, werd deze bij Atie thuis afgeleverd. Haar man maakte de etiketten en met leden van de knipkring werd het blad in een envelop gestoken en voorzien van een etiket. Vervolgens werd alles netjes in dozen gelegd en dan bracht Aties man die naar het postkantoor voor verzending. In de hoogtijdagen telde de vereniging ruim 1.000 leden, dus het versturen van de Knip-Pers was best een klus. Atie denkt met veel plezier terug aan de ‘plak-middagen’. Het was altijd gezellig en leuk om samen zo’n klus te klaren.

Knipkring
Atie is nog steeds actief lid van haar ‘oorspronkelijke’ knipkring. Elke maand gaat ze daar met veel plezier naar toe, al is de kring met de tijd steeds kleiner geworden. ‘Wat gebleven is, is het samen plezier hebben in het knippen’, aldus Atie. ‘Daar is het altijd om gegaan’.

Knipsters-handschrift?
Net als veel andere leden heeft Atie veel knipsels van andere knippers. In de loop der jaren heeft ze die gekocht, maar vaak ook geruild met andere knipsters. ‘Soms met leden uit mijn eigen knipkring, soms op contactdagen met andere knipsters. Al die knipsels hebben een eigen signatuur. Ik heb me in al die jaren afgevraagd of je uit iemands knipsel ook diens karakter af zou kunnen lezen? Zoals bij handschriften. Want als je al die knipsels naast elkaar legt, zie je hoe verschillend de stijlen zijn. Soms groot en grof geknipt, soms juist heel vloeiend en piepklein, en allemaal met een eigen kenmerkende stijl. Om die reden heb ik heel bewust bij verschillende knipsters les genomen.’ Zo heeft ze van heel nabij kennis kunnen maken met de stijl van anderen en met hun manier van ontwerpen en knippen. ‘Op die manier heb ik mezelf verder kunnen ontwikkelen en vormen.’

Atie Willemse overhandigt Rieny van Beek een zilveren schaartje

Vlegeldag
Veel knipsters hebben in de afgelopen decennia de knipkunst aan een groter publiek laten zien op jaarmarkten en braderieën. Atie deed dat tijdens de Vlegeldag (een soort jaarmarkt) in Bennekom. De knipkring huurde altijd een kraam. Atie en andere leden van de knipkring zaten ze daar dan de hele dag te knippen. Er was altijd veel belangstelling. ‘Mensen konden uren kijken naar hoe een knipseltje vorm kreeg. Op dat soort dagen meldden zich ook steevast mensen die het zelf wilden leren. Vaak gaven die zich op voor een cursus, werden lid van de vereniging en sloten zich aan bij een knipkring. Op die manier zijn ook veel nieuwe knipkringen gevormd’, vertelt Atie. Net als veel andere leden verzorgde Atie in de eerste jaren van de vereniging regelmatig cursussen en soms adverteerde ze in een lokaal krantje dat ze een avond papierknippen verzorgde. Onder het genot van een kopje koffie konden mensen voor een klein bedrag horen over knipkunst en het knippen. Ze herinnert zich nog goed dat ze de eerste keer zo’n zaaltje binnenkwam: ‘Er zaten daar meer dan 40 mensen! Daar was ik helemaal n iet op voorbereid, dus moest ik ineens van alles improviseren.’ In de begindagen van de vereniging was knippen erg populair en verspreidde de belangstelling zich als een olievlek. Het ledenaantal groeide heel snel en binnen een paar jaar was het ledental vervijfvoudigd naar meer dan 1.000. Atie herinnert zich dat nog goed. ‘Het was een geweldige tijd om mee te maken’.

Door Maja Houtman en Bertine Jongerius