De visserij geknipt, Knip-Pers 1987-3

“O ja, het wordt een fleurige, poëtische, toverachtige guirlande van herinneringen. Papieren scheepjes, papieren rozen, papieren poppetjes, slingers, confetti, lampions, vliegers. Je associeert het allemaal met feest en met vergankelijkheid en misschien is het juist daarom zo mooi en blijft het in je herinnering leven.
Scheepjes van papier. Een hele vloot witte scheepjes van papier, keurig opgetuigd met zeilen en wimpels… “
Clare Lennart 1962.

De visserij geknipt

In de Knip-Pers van vorig jaar, 3e jaargang nr 3, schreef Toos Dietz over een énig prentenboek “Van twee Vissehertjes”. Het is een verhaal over twee Scheveningse jongens, geïllustreerd met knipsels die het vissersleven op zee en aan de wal uitbeelden. *)
Door dat boekje en het eigen bezit aan knipsels in het Schevenings Museum groeide de idee voor een tentoonstelling over geknipte schepen. Er moest in ons vissend en zeevarend land toch wel het een en ander aan knipwerk gemaakt zijn over dit onderwerp. Toos Dietz heeft zich beijverd om zoveel mogelijk bijeen te brengen en het resultaat valt tot 5 december 1987 in het Schevenings Visserijmuseum te bewonderen.

afb. 1, Johannes Kopper, Iconografisch Bureau Den Haag

‘t Penceel wist menig menech d’onsterflijkheid t’ ontrukken
De stift kan ieder ding op ‘t fraaist in ‘t koper drukken
Doch KOPPERS schaar alleen wist met een edele zwier
De gantsche Waereld nate bootsen van papier.
S.

Wij doken in de geschiedenis en de oogst viel niet mee! We lazen van een paar Rotterdammers: Gillis van Vliet (± 1674 – 1701) sneed een vloot of batalje van schepen, een zeegezicht, een strandgezicht en oorlogsschepen op stille en holle zee. Elisabeth Rijberg (± 1721) maakte diorama’s met de haringvangst en een gezicht op Scheveningen vanaf de zee, heel kunstig, met kleine figuurtjes. Ook Johannes Kopper (1713 – 1788) was in zijn tijd bekend als kunstknipper van schepen en complete zeeslagen (afb. 1). Zo liet hij zich afbeelden door de schilder Muys en na zijn overlijden maakte Roosing daar een prent van die gedrukt en verspreid kon worden. Helaas is er van al dit werk vrijwel niets overgebleven.
In het eigen bezit van het museum is een “Gezigt van het uitzeylen der haringschuyten van Scheeveningen de 15 September 1783”. Een prachtig stuk, waarvan het papier is bewerkt met fijne sneedjes en reiëf, een techniek die we nu niet meer beheersen. De naam van de maker is tot nu toe onleesbaar.

Ook fraai is een hartebrief, gemaakt door een zeeman wiens schip in 1781 op weg van St. Eustatius naar huis werd gekaapt door een Engelse piraat. Harteknipsels die ingevouwen worden bewaard in een hartvormig foudraal, zijn er in Nederland niet zo veel gemaakt en de onbekende kunstenaar heeft zich méér met pen en penseel dan met de schaar verdienstelijk gemaakt.

Uit de vorige eeuw hangen er twee stukken van de Groningse kunstknipper Röemelé (1791 – 1833). Hij had bekende gravures van kustgezichten als voorbeeld van zijn reliëfknipsels genomen (Schaarkunst, pag. 66 en 67). (afb. 3)

afb. 3, Röemelë, Gezicht op het Eiland Walcheren 1832

 

Ook Jan de Prentenknipper, Huijszoon (1798 – 1870) uit Zeeland is met een paar stukken vertegenwoordigd, waarop schepen en het verhaal van Jonas (Schaarkunst, pag. 29, 40 en 62).

Zij waren zeker geen zeelui en hun schepen waren van een vroegere tijd. Zo knipten ook Johannes Jongejan in 1806 en Jan David Patijn uit Rotterdam hun zeilschepen of ruimtelijke zeegezichten in miniatuur (1800) voor hun plezier. Wel moeten er rond Dordrecht in de vorige eeuw een paar (oud)zeelui geweest zijn, die prachtige zeilschepen tot in de kleinste details geknipt hebben. Ook een onbekende visser in deze eeuw maakte aardige knipsels van haringschepen uit Vlaardingen en Maassluis, die hij inkleurde en decoreerde met ankers, netten, windrozen en boeien. Twee voorbeelden zijn op de tentoonstelling te zien en een derde (afb. 2) is hier afgebeeld.

afb. 2, Haringscrhepen en attributen uit Maassluis in hart, 1913, 20 x 14 cm, Gemeentemuseum Maassluis inv.nr 492.

Natuurlijk moet ook de Urker Jantjen de Knipper genoemd worden, die vaak de hem zo vertrouwde vissersschuiten, de kerk en de vuurtoren van ‘t eiland heeft geknipt. (afb. 4)

afb. 4, Jantjen de Knipper (Visscher). privébezit Urk

Tenslotte hangt er op de tentoonstelling werk van enkele hedendaagse knipsters, die zich aan het uitbeelden van schepen hebben gewaagd: Jantje (III) de Jong- Brouwer, met een geestige ark van Noach, Jona en de vis, en Meerminnen. Lily Kok uit Noordwijk knipt nauwkeurig de vissersboten uit haar eigen havenplaats. Käty Kuiper uit Krommenie vindt aanleiding in plaatselijke spreekwoorden, ambachten en voorvaders om de zeevaart uit te beelden in zwaar, gekleurd papier, dat ze bewerkt met schaar en mes. Soms doet haar werk denken aan dat van Röemelé.

Geschiedenis is in ieder geval een rijke bron van inspiratie, dat laten haar Oostinjevaarders, walvisjagers en bomschuiten goed zien.

We keren nog even terug naar de maakster van het Scheveningse boekje “Voor Klein en Groot, met rijmpjes en knipsels door J.E.”, uit 1913. Er bestaat een dergelijk boekje van haar, “Buiten bij Kaatje! Een vertelseltje met versjes en knipsels”, gedrukt voor 1910 op hetzelfde formaat. Het gaat helemaal niet over de visserij, maar als aanvulling is het toch het noemen waard.
Navraag bij de uitgever Scheltema & Holkema leverde haar volledige naam niet op maar in Scheveningen heeft men die toch weten te achterhalen: Jacqueline Enderlein. Behalve in Den Haag, heeft ze ook in Hilversum en Rotterdam gewoond, maar verder weten we (nog) niets! Het zou ons niet verbazen als bleek dat ze onderwijzeres is geweest. Een leuke uitdaging voor iemand, om meer over haar te weten te komen!

Van het hele Visschertjesboekje is door het museum een mooie kopie gemaakt, die voor fl 15.- daar te koop is.
Al met al een heel aardige tentoonstelling in een (kind)vriendelijk museum, van knippers die schepen uitbeeldden, gewoon omdat ze ze mooi vonden en hun fantasie de vrije loop lieten of een voorbeeld kozen in een schilderij of prent. Opvallend weinig knippende varensgezellen zijn er geweest, als je ziet hoeveel scheepsmodellen van ánder materiaal, in of buiten de fles door kunstnijvere vissershanden in elkaar zijn gezet. De beste knippers staan kennelijk aan wal!

Joke en Jan Peter Verhave

*) Het boek is gekopieerd en gebundeld voor fl 17.- (14.50 + 2.50 portokosten) te bestellen hij het Schevenings Museum, Neptunusstraat 92, 2586 GT ‘s-Gravenhage, tel. 070-500830.